Toespraken en kranslegging Nationale Herdenking 2021

Toespraak burgemeester Potters

Goedenavond dames en heren, jongens en meisjes,

Het is 4 mei 2021...
Het is stil bij ons monument in De Bilt.
Stiller dan anders.
Door Corona is het wéér onmogelijk om sámen alle vrouwen, mannen en kinderen te herdenken die sinds de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen of vermoord.
In oorlogssituaties en vredesoperaties -ín ons Koninkrijk en daarbuiten.

Door Corona is het wéér onmogelijk om morgen sámen vrijheid te vieren.
De vrijheid waarvoor zoveel mensen hun leven gaven, ook inwoners uit onze gemeente.
De vrijheid die wij zo vanzelfsprekend waren gaan vinden.
Zó vanzelfsprekend, dat sommigen zich afvroegen of het nog wel nodig was – die jaarlijkse herdenking.
Zó vanzelfsprekend, dat sommigen zich niet goed meer konden voorstellen dat vrijheid er ooit níet meer zou zijn.

Tot vorig jaar.

Juist in het jaar waarin we 75 jaar vrijheid sinds de Tweede Wereldoorlog uitbundig wilden vieren, moesten we een stukje vrijheid inleveren.
We konden helemaal níets meer uitbundig vieren.
Dat viel ons zwaar.
En dat valt ons nog steeds zwaar.

Want vrijheid zit diep verankerd in onze Nederlandse identiteit, zoals filosoof Daan Roovers schrijft in haar mooie artikel over het Fundament van Vrijheid.
Ze beschrijft daarin de verwondering van een ándere Nederlands filosoof: Spinoza.
Hij was met zijn ouders naar de Republiek der Nederlanden gevlucht en vroeg zich af: hoe kán het, dat al die mensen met hun verschillende en uitgesproken meningen zo vreedzaam met elkaar leven?
Hij concludeerde dat onze vrijheid van denken en spreken gepaard gaat met de principiële gelijkheid van alle burgers.
Dát is het fundament onder onze vrije samenleving.
We kunnen denken en zeggen wat we willen, maar nóóit ten koste van de vrijheid van de ander.
Dan is er immers geen sprake meer van echte vrijheid.
Want wie garandeert dan, dat er morgen niet iemand komt die vanuit zijn vrijheid onze vrijheid beperkt?
Vrijheid is dus meer dan de afwezigheid van een bezetter of de ruimte om je leven in te richten zoals je wilt.
Vrijheid is een gezamenlijke inspanning.
En vanuit die gezamenlijke vrijheid kunnen we onze persoonlijke vrijheid invullen.

Misschien waren we dát besef na 75 jaar vrijheid een beetje kwijt.
Dát besef heeft de pandemie weer scherper op ons netvlies gezet.
Want we merkten al snel, dat er alléén een mate van vrijheid voor ieder van ons was, als we ons allemáál aan de coronamaatregelen hielden.
En andersom: wie maling aan de maatregelen had, beperkte de vrijheid van een ander.

We hebben dit jaar misschien ook meer dan ooit ervaren dat vrijheid als gezamenlijke inspanning om persoonlijke offers vraagt.
In de Tweede Wereldoorlog kwamen mensen in verzet tegen de nazi’s en de Japanse bezetter.
Ze lieten mensen onderduiken in hun huis, brachten illegale kranten rond, werkten samen met de geallieerden, spioneerden en saboteerden.
Mensen in onze gemeente zetten hun leven op het spel.
Niet om er zélf beter van te worden, maar om vrijheid voor iederéén te bevechten.

Ook van ons werden dit jaar persoonlijke offers gevraagd.
Ze laten zich geenszins vergelijken met de offers die mensen in de oorlog en tijdens vredesmissies brachten.
Evengoed hebben we het er moeilijk mee.
Ondernemers sloten hun bedrijven om bij te dragen aan de gezondheid van iedereen.
Mensen in de zorg bleven anderen helpen, met gevaar voor eigen gezondheid.
Ieder van ons maakte keuzes die we liever niet hadden gemaakt.
Maar we weten: dit gaat voorbij.
Er zijn inmiddels vaccins die ons gaan helpen om onze vrijheden terug te krijgen.

Midden in de Tweede Wereldoorlog was het voor inwoners maar de vraag óf en wanneer er weer licht aan het einde van de tunnel zou zijn.
Wij weten hoe lang zij op het einde van de bezetting moesten wachten.
Zij hadden geen idee.
Waar haalden zíj de moed vandaan?
Hoe kón het, dat zij vooruit bléven kijken en bléven hopen?
Keken zij op hun beurt terug naar de eerste Wereldoorlog en de Spaanse Griep daarna, die allebei miljoenen slachtoffers hadden geëist?
Dachten zij: net zoals voor hen komt er voor ons ook weer licht na deze duisternis?
Was dát de strohalm waar zij zich aan vasthielden?
En waar haalden zij ná de oorlog de veerkracht vandaan om weer te gaan bouwen:
aan nieuwe huizen  en aan een sterke samenleving?

Dáár denk ik vanavond aan.
Alleen - bij ons monument.
Stilstaan bij onze vrijheid, is stilstaan bij alle mannen, vrouwen en kinderen die hun leven dáárvoor hebben gegeven en bij het leed dat onze inwoners is aangedaan.
Stilstaan bij onze vrijheid, is stilstaan bij al degenen die bléven geloven in vrijheid voor ons allemaal.
De vrijheid die een gezamenlijke inspanning is.
Die nooit vanzelfsprekend is.
Dat besef hebben we nu nog méér dan voorheen.

Dank u wel.

Naar overzicht