Toespraak burgemeester Potters - Herdenking Japanse capitulatie

15 augustus 2020

Dag dames en heren, jongens en meisjes,

Vandaag herdenken wij op deze bijzondere manier dat Japan zich 75 jaar geleden overgaf aan de geallieerden en de strijd staakte.

Het intense leed…
De mensen die wij missen…
Dit jaar zijn zij in ons hart en in onze gedachten zónder dat wij bij elkaar kunnen komen.
Zónder dat wij een arm om elkaar heen kunnen slaan.

Het is bijzonder dat we juist dít jaar een stukje van onze vrijheid hebben moeten inleveren om goed door de coronacrisis heen te komen:

In het kroonjaar waarin we nóg uitgebreider dan anders bij onze herwonnen vrijheid wilden stilstaan.
Toch probeer ik op deze manier de harten van degenen die u mist, te verbinden met uw en mijn hart.  

De capitulatie van Japan op 15 augustus 1945 betekende dat ook voor Nederlands-Indië de Tweede Wereldoorlog voorbij was.

Voorbij….
Dat woord houdt me bezig...
Als de capitulatie getekend is, is de oorlog dan voorbij?
Kunnen we ons dan weer vrij voelen?

Drie jaar geleden sprak Luuk van der Linden uit Groenekan tijdens deze herdenking over de oorlogsperiode.

 

Hij maakte die als kind in Nederlands-Indië mee en schreef er een indrukwekkende boek over: Tjampoer-kind.
Dat betekent zoiets als: kind uit twee werelden.

Hij beschrijft, hoe de oorlog zijn leven tot op de dag van vandaag beïnvloedt: de Tweede Wereldoorlog én de Bersiap - de onafhankelijkheidsstrijd die er direct op volgde.

Want veel mannen, vrouwen en kinderen die tijdens de Tweede Wereldoorlog trouw waren gebleven aan ‘Koningin en Vaderland’, werden na de capitulatie opnieuw vastgezet in kampen of te werk gesteld.

Dit keer omdat ze beschermd moesten worden tegen fanatieke Indonesische vrijheidsstrijders, die hen bedreigden en vervolgden.
Opnieuw waren ze blootgesteld aan verschrikkelijke wreedheden, waarbij ook vrouwen en kinderen niet werden ontzien.  
Opnieuw leden ze vreselijke honger.
Opnieuw waren ze hun vrijheid kwijt.
Wat is voorbij?...
Wanneer is het vrede? …
Wanneer kun je je vrij voelen?

“Geen enkele oorlogshandeling eindigt met een op papier gesloten vrede…”, schrijft Luuk van der Linden.

Ik denk dat ik zijn uitspraak begrijp, als ik zijn boek lees.

Ik denk ook dat ik zijn uitspraak begrijp, wanneer ik de prachtige documentaire bekijk van Pia van der Molen en Michiel Praal over kinderen uit het voormalig Nederlands-Indië.
Kinderen als Leo, Maud, Fokko, Ietje en Jimi – voor wie de oorlog helemáál niet voorbij was na de Japanse capitulatie.

Want tijdens de Bersiap werden zij opnieuw met hun families in kampen vastgezet.
In de documentaire vertellen zij, hoe ingrijpend het was om tijdens de Japanse bezetting volwassenen als kinderen te zien huilen, wanneer ze urenlang in de brandende zon moesten staan...

Leo vertelt, hoe er voor zijn ogen op zijn moeder werd geschoten – een beeld dat hem niet meer losliet.

Jimi vertelt in de documentaire hoe hij en zijn moeder na de Bersiap samen met honderden andere gezinnen op de boot naar Nederland werden gezet.
Om te repatriëren…

Ook dát woord houdt mij bezig.
Re-patriëren betekent: terugkeren naar je vaderland.
Maar kinderen zoals Jimi, waren geboren en getogen in Nederlands-Indië.
Nederland voelde helemaal niet als hun vaderland.
Ze misten hier de geuren en kleuren van hun jeugd.
Ze misten hun vriendjes die ze hadden moeten achterlaten.

Vanaf de boot gingen ze vaak rechtstreeks naar één van de voormalige oorlogskampen in Nederland:
Naar Vught…
Westerbork…
Lunetten.

Voor de derde keer in hun korte leven kwamen ze in barakken terecht. Het prikkeldraad en de wachttorens van de Nazi’s stonden soms nog om de kampen heen. Hoe onbegrepen en gevoelloos werden zij ontvangen.

Jimi bleef daar zijn hele jeugd wonen en schreef er veel later ingrijpende muziek over.

En Luuk van der Linden schrijft:
Ik heb niet geleerd te weten wie mij lief is. Mij aan iemand hechten is vaak een onderneming die pijnlijk kan aflopen.
Zó snijdt oorlog in een mensenleven in.

Voorbij…
Vrede…
Het zijn grote woorden…
Maar wanneer is iets voorbij?
Wanneer is het vrede?
Wanneer kun je je écht vrij voelen?

De tweede wereldoorlog, die op
15 augustus met de Japanse capitulatie werd beëindigd, tekent levens tot op de dag van vandaag.
Wij, die bij elkaar horen, mogen dat nooit vergeten.
Samen moeten we blijven zoeken naar de goede woorden daarvoor.
Hoe moeilijk dat ook is.
Ook voor mij - zoals wij samen vorig jaar hebben ervaren.

En tóch is het belangrijk dat we dat met elkaar blijven proberen.
Om recht te doen aan wat is geweest…
Om daar een nieuwe generatie in mee te nemen…
Om nieuwe conflicten te voorkomen – waar ook ter wereld...
Omdat een oorlog in een mensenleven niet zomaar voorbij is als de vrede op papier is getekend.

De woorden en de verhalen van hen die de oorlog én Bersiap hebben meegemaakt, helpen ons daarbij. De verhalen van Luuk, Leo, Maud, Ietje en Jimi.
En die van u.

Daarom is het zo belangrijk dat we elkaar blijven ontmoeten – al is het nu op deze bijzondere manier.
Om de Japanse capitulatie te herdenken, die nog geen vrede bracht.

Om samen woorden te geven aan wat oorlog en vrede voor ons betekenen.

Om te leren begrijpen dat vrede veel meer is dan de ondertekening van een document.

Dat we er samen, iedere dag weer, invulling aan moeten geven.
Woorden aan moeten geven.
Misschien is dát wel ons belangrijkste verweer tegen nieuwe conflicten.
Misschien dragen we zo bij aan echte, duurzame vrede.

Dank u wel.