Tekstueel weergave presentatie 31 mei 2021

Dia 1: Welkomstwoord intro

Dia 2: welkomstwoord van de wethouder

Dia 3: Hoe ziet vanavond eruit?

Dia 4: De opgave

Nederland heeft het klimaatakkoord van Parijs getekend, waarin zij zich heeft verplicht om de opwarming van de aarde te beperken. Opwarming van de aarde kan beperkt worden door de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Denk hierbij aan de broeikasgassen die vrijkomen bij de verbranding van fossiele brandstoffen als aardgas. Om de uitstoot van broeikasgassen te beperken zijn nationale en internationale afspraken gemaakt. In het nationale klimaatakkoord heeft de Rijksoverheid met allerlei partijen afspraken gemaakt over hoe Nederland deze doelen gaat behalen. Ook het afbouwen van de gaswinning in Groningen speelt hierbij een rol. De gaswinning in Groningen wordt afgebouwd omdat de gevolgen daarvan maatschappelijk niet aanvaardbaar zijn. Hierdoor kunnen we afhankelijk worden van buitenlandse gasbronnen. Het nationale klimaatakkoord bestaat uit verschillende onderdelen. Het onderdeel van het klimaatakkoord waar we vanavond naar kijken is de gebouwde omgeving. Het doel hierbij is om alle gebouwen binnen dertig jaar klimaatneutraal en aardgasloos te maken. Deze opgave wordt uitgewerkt in onder andere de Transitievisie Warmte.

Dia 5: Transitievisie Warmte

Wat betekent transitievisie warmte eigenlijk? Transitie betekent een overgang/verandering. Een visie is een kijk/mening. Warmte is het warm zijn, maar ook verwarmen. Dus een transitievisie warmte is een kijk op een andere manier van verwarmen lees een duurzame manier van verwarmen. Kortgezegd hoe gaan we gebouwen verwarmen op een duurzame manier. Dit wordt uitgewerkt in de transitievisie warmte.

Dia 6: Transitievisie warmte 1.0

Wat is een Transitievisie Warmte? Een transitievisie warmte is een beleidsdocument dat een eerste richting geeft aan de aanpak van het isoleren en aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Daarin staan voorstellen voor duurzaam aardgasvrij verwarmen en koken. Gemeenten zijn volgens het Klimaatakkoord de regisseurs van de warmtetransitie voor de gebouwde omgeving.
In de Transitievisie Warmte beschrijft de gemeente besparingsmogelijkheden en de hoeveelheid energie die nodig is om te voldoen aan de vraag naar warmte. Daarnaast wordt beschreven welke warmtebronnen ingezet worden en welke warmte-infrastructuur nodig is met als doel om in 2050 CO2-neutraal te zijn. Het tussendoel is om in 2030 20% van de woningvoorraad, dus één van de vijf woningen, aardgasvrij(ready) te hebben, dat is het tempo zoals afgesproken in het Klimaatakkoord. Dit alles binnen de kaders van haalbaar en betaalbaar. Voor de Bilt zou dat betekenen dit 4586 woningen van het aardgas af voor 2030. Het aardgasloos maken van de productieprocessen in bedrijven maakt geen onderdeel van de Transitievisie Warmte uit.

Dia 7: Transitievisie Warmte 1.0

De Transitievisie Warmte geeft richting in de aanpak. Het bevat ook een wijk-voor-wijkstappenplan die alle partijen houvast geeft voor de planning. In de transitievisie Warmte moet een tijdspad zijn opgenomen wanneer welke wijken van het aardgas af gaan. Van de wijken die vóór 2030 van het aardgas af gaan, dienen ook de warmte-alternatieven bekend te zijn.
Eén oplossing voor elke woning is er niet. In de Transitievisie staat wat per buurt de meest logische alternatieven zijn. Komt er één oplossing voor de hele buurt tegelijk? Of is het handiger om het per woning te regelen, bijvoorbeeld met warmtepompen. Ondertussen gebeurt er veel in Nederland. We ontdekken nieuwe warmtebronnen. Het lukt steeds beter om warmte te halen uit de lucht, uit diepere aardlagen, vijvers, rivieren en zelfs uit rioolwater. De transitievisie zal daarom door de jaren uitgebreid worden. Als zich nieuwe oplossingen aandienen, onderzoeken we of we die in De Bilt kunnen benutten.

Dia 8: Alternatieven voor aardgas

We gaan op andere manieren koken en ons huis verwarmen. De gasloze alternatieven van koken kent u misschien al. Dit zijn namelijk keramisch koken en koken op inductie. Er zijn meerdere mogelijkheden om gasloos te verwarmen bijvoorbeeld door groengas, warmtenetten en warmtepompen. Deze mogelijkheden worden hierna verder uitgelegd.

Dia 9: Groengas

De makkelijkste oplossing zou groengas zijn. In plaats van een vervuilende gas te gebruiken zouden we de huidige gasleidingen kunnen gebruiken voor groengas. Bij groengas komt geen CO2 vrij wanneer dit verbruikt wordt of heel weinig. Ook zouden we nog steeds cv-ketels kunnen gebruiken en zou deze oplossing het minst ingrijpend zijn. Er zijn op het moment twee soorten groengas namelijk waterstof en biomassa. Onder biomassa worden snoeihout, bermmaaisel en groen afval uit de agrarische sector verstaan. Dit kan worden verstookt in een biomassaketel. Biomassa zien we alleen als geschikt alternatief als er lokale reststromen uit bosbeheer of de agrarische sector zijn en deze ook daadwerkelijk voor verwarming gebruikt kunnen worden. Deze potentie is echter vaak theoretisch omdat de betreffende reststromen al een bestemming hebben en dus niet een extra potentie is om in te zetten voor de warmtetransitie. Het gebruik van biomassa is ook niet onomstreden.
Waterstofgas is een energiedrager die aardgas kan vervangen met beperkte aanpassingen aan het gasnet en apparatuur. De duurzaamheid van waterstof hangt af van de productiewijze. Anno 2020 wordt waterstof vooral gemaakt uit aardgas waarbij CO2 vrijkomt. In de toekomst zal waterstof meer en meer CO2-arm of -neutraal worden geproduceerd door het afvangen van CO2 en productie met elektrolyse met hernieuwbare elektriciteit. Bij de eindgebruiker zal alle gasapparatuur aangepast moeten worden. Binnen een buurt moet in één keer worden omgeschakeld als het bestaande gasnetwerk voor waterstof gebruikt wordt. Waterstof speelt in de periode tot 2030 geen significante rol in de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Het kost veel elektriciteit om waterstof te maken en voorlopig hebben we hernieuwbare elektriciteit nog hard nodig om de elektriciteitsvoorziening te verduurzamen. Alles wijst erop dat de techniek tot 2030 in de gebouwde omgeving alleen nog in pilots wordt toegepast om ervaring op te doen. Tevens is waterstof vandaag de dag nog vrij duur.
Groengas zou een ideale oplossing zijn omdat we de bestaande infrastructuur zouden kunnen gebruiken en huizen hoeven ook niet extra geïsoleerd te worden. Maar vanwege de beperkte beschikbaarheid en het feit dat biomassa niet onomstreden is. Is in ieder geval voor 2030 groengas geen alternatief voor aardgas wat toepasbaar is voor de gehele bebouwde omgeving. Aannemelijker is het dat groengas een rol gaat spelen voor huizen en gebouwen die niet op andere manieren te verwarmen zijn, bijvoorbeeld monumentale panden. Waarschijnlijk gaat groengas ook eerder een rol krijgen binnen de mobiliteitsopgave dan binnen de transitievisie warmte.

Dia 10: Warmtenet

Een andere alternatief voor aardgas zou een warmtenet zijn. Een warmtenet, ook wel stadsverwarming genoemd, is een collectieve oplossing om gebouwen te verwarmen. Een warmtenet is een systeem die is op te delen in een warmtebron, distributie infrastructuur en aflevering.
Warmtenetten zijn vooral geschikt op plaatsen waar er veel vraag naar warmte is op een klein oppervlak. De meeste warmtenetten vind je dan ook in steden. De grootte varieert van lokale netten (dus een net in een buurt) tot regionale netten (een net voor meerdere gemeenten). Soms is een lange leiding nodig om de warmte te transporteren van een grootschalige bron naar de afnemers. De duurzaamheid van warmtenetten hangt vooral af van de warmtebron. Ook de warmteverliezen in de leidingen spelen een belangrijke rol. Er zijn verschillende bronnen voor een warmtenet.
Bijvoorbeeld door middel van geothermie (aardwarmte) dit is warmte die op een grote diepte (meerdere kilometers diep) uit de aarde wordt gewonnen. De potentie van geothermie wordt momenteel door het Rijk nader onderzocht. Vanwege de schaalgrootte en de complexiteit is de kans klein dat een geothermieproject op korte termijn kan worden gerealiseerd.
Een andere bron van warmte zou restwarmte kunnen zijn: dit is warmte die overblijft bij bedrijfsmatige en industriële processen. Binnen de gemeentegrenzen zijn nauwelijks grootverbruikers die voldoende restwarmte zouden kunnen leveren om een warmtenet te voeden. Hierdoor lijkt restwarmte een beperkte rol te kunnen gaan spelen in De Bilt.
Ook zou Aquathermie een bron van warmte kunnen zijn. Dit is warmte die uit oppervlaktewater wordt gewonnen. Aquathermie wordt vrijwel altijd in combinatie met bodemenergie (WKO) uitgevoerd wegens de benodigde seizoensopslag van de warmte. De vraag is echter vaak of het lukt om er een rendabel project van te maken.
Riothermie is ook een mogelijke bron van een warmtenet. Riothermie is warmte die uit met name persrioleringen en bij gemalen en waterzuiveringen wordt gewonnen. De rioolwater Zuiveringsinstallatie ten westen van De Bilt biedt warmte voor enkele honderden woningen maar in combinatie met bodemenergie (als regeneratiebron voor WKO) kan een flink groter aantal woningen van warmte worden voorzien. In de case van Brandenburg wordt hier gebruik van gemaakt. Hier later meer over.
Als laatste voedingsbron zou zonnewarmte gebruikt kunnen worden. in zonnecollectoren op het dak of in het veld wordt water door de zon opgewarmd. Dit warme water wordt opgeslagen in een zonneboiler en om ook warm water in de winter te hebben, kan het warme water ondergronds worden opgeslagen in de bodem of in een vat (wko). Zonnewarmte is meestal een aanvulling op andere technieken, bijvoorbeeld bodemwarmte of aquathermie. Vooral de opslag van de warmte in de winter is vaak nog een technisch en financieel struikelblok voor zonnewarmte.
Een warmtenet is een mogelijk alternatief voor verwarming op aardgas, maar de beschikbaarheid van betrouwbare warmtebronnen binnen de gemeente lijkt beperkt. Verder is een warmtenet een collectieve oplossing. Dit betekent dat wanneer een wijk over zou gaan op een warmtenet nagenoeg iedereen binnen zo’n wijk mee moet doen om dit rendabel en uitvoerbaar te maken.

Dia 11: Warmtepomp

Een all-electric individuele oplossing zou een warmtepomp kunnen zijn. Bij een individuele elektrische warmtepomp wordt per gebouw een elektrische warmtepomp ingezet om ruimten te verwarmen en om warm tapwater te maken. Een warmtepomp onttrekt warmte uit de bodem of de buitenlucht en maakt daar warmte van. Dat is ook het verschil tussen een luchtwarmtepomp en een bodemwarmtepomp. Dit is een all-electric strategie; gebouwen hebben bij deze strategie geen gasaansluiting meer nodig. Wel zal het elektriciteitsnet waarschijnlijk moeten worden verzwaard als veel gebouwen in een buurt overstappen.

Dia 12: Wat komt er op ons af

Het doel is om in 2050 de gehele gebouwde omgeving van het aardgas af te koppelen. Met als eerste ijkpunt 2030, wanneer we streven naar 20% aardgasloos. 20% van de gebouwen in De Bilt is 4600 woningen. Binnen de gemeente zijn we al begonnen met het kijken naar een aardgasloze toekomst. Hierbij is de wijk Brandenburg de eerste wijk die aardgasloos zou kunnen worden. In Brandenburg
streven we naar de eerste 1000 woningen van het aardgas af te halen. Hierover vertelt onze collega Boy u meer.

Dia 13: Brandenburg

  • Kansrijke locatie in gemeente De Bilt om de transitie naar aardgasvrij te realiseren
  • Aanvraag rijkssubsidie momenteel in opstartfase
  • Technisch-financiële verkenning
  • Participatie organiseren en faciliteren
  • Meer informatie over de plannen van afgelopen jaar
  • Wordt nog geüpdatet als meer bekend wordt over de nieuwe plannen

Dia 14: wat kun je nu al doen?

  • Als je huis nu al minder aardgas en elektra verbruikt is de overstap straks makkelijker.
  • Wat je niet verbruikt hoeven we ook niet op te wekken.
  • Isoleren voor een comfortabel huis met minder energielasten.
  • Wat je zelf opwekt hoef je niet af te nemen

Dia 15: wat kun je nu al doen?

Wie helpt je?

Kosten?

Wat komt er aan in 2021/2022

Breng jouw stappenplan in kaart met Ikwoon.
Winst uit je woning

  • Inkoopactie koopwoningen – 2e week juni
  • Informatieavond inkoopactie – di 24 juni
  • Waardebon voor huurwoningen – 1e week oktober
  • Waardebon voor woningeigenaren – 2e week januari
  • Inkoopactie voor woningeigenaren met grondgebonden woning – ca. maart 2022

Dia 16: Koffiepauze

Nu 10 minuten pauze, hierna gaan we verder met hoe we deze opgave gezamenlijk kunnen aanvliegen.

Dia 17: Hoe pakken we dit aan?

Hoe staan jullie erin?

  • Met betrekking tot isoleren?
  • Pakken we dit collectief of individueel aan? En hoe dan?
  • Welk alternatief willen we of verschillende?
  • Wanneer willen we van het aardgas af?
  • Zien jullie nog Koppelkansen?
  • Welke rol willen jullie?
  • Welke vervolgstappen?

Dia 18: Breakoutrooms – rondetafelgesprekken

Graag gaan we met jullie over deze punten op kernniveau in gesprek. Dus nu gaan we opsplitsen in break-out rooms, waarin we met elkaar de opgave kunnen bespreken.

Dia 19: 5 minuten pauze

Dia 20: Terugkoppelingen gesprekken

Gespreksleiders: de consensus en opvallendste resultaten bespreken

Dia 21: Algemene afsluiting

  • Hoe nu verder?
  • Je kan je aanmelden voor de nieuwsbrief.
  • Voor vragen, ideeën en opmerkingen kunt u mailen naar duurzaamheid@debilt.nl